De laatste audit voor Sint-Truiden?

“Audit Vlaanderen heeft inmiddels een vierde forensisch rapport over de stad Sint-Truiden afgeleverd.(1)(2)(3)
Is dit het laatste? Ik hoop het voor de inwoners en het imago van onze stad”, zegt gemeenteraadslid Ludwig Vandenhove.

“Dit rapport gaat over allerlei soorten van belangenvermenging.
Er worden namen genoemd van politici van diverse meerderheidspartijen - cd&v, N-VA en Open Vld - uit de laatste twee legislaturen.
Blijkbaar is het niet handelen volgens de wet eerder regel dan uitzondering geworden binnen bepaalde partijen.
Dat geldt in het bijzonder voor de cd&v.

Wat gaat er verder nog gebeuren met de recent aan het licht gekomen dossier rond de kerkfabriek van Velm?
Gaat Audit Vlaanderen hierrond nog een afzonderlijk onderzoek doen?

Ik wil mij niet uitspreken over de verantwoordelijken van deze of gene lokale politicus.
Dat is werk voor Audit Vlaanderen en/of het Limburgs parket.

Ik hoop dat alle betrokkenen zelf voldoende schuldinzicht hebben en in eigen boezem kijken. Bovendien moet er opnieuw een totaal andere aanpak komen van transparantie binnen het beleid van de stad Sint-Truiden, zoals in mijn achttien jaar als burgemeester.
Toen ik begin van de jaren ’80 vorming gaf binnen de toenmalige Socialistische Partij (SP) aan nieuw verkozen gemeenteraadsleden was één van de eerste elementen, die ik uitlegde dat er totaal geen belangenvermenging mocht zijn.
Ik stel vast dat er meer dan veertig jaar later gemeenteraadsleden, weliswaar van andere partijen, zijn, die dat nog niet weten of alleszins doen of ze dat niet weten.

Deontologische codes? Voor mij mag dat allemaal, maar ik geloof er niet is.
Politici moeten zichzelf regels opleggen en zich daaraan proberen te houden.

Binnen ongeveer vijf maanden, op zondag 13 oktober 2024, zijn het gemeenteraadsverkiezingen.
Geïnteresseerden en/of kandidaten, die denken daar voordelen uit te halen en/of daardoor meer te kunnen ‘regelen’, kunnen beter nog eens nadenken. Ik hoop immers dat we Audit Vlaanderen de komende zes jaar niet meer zullen zien in Sint-Truiden.”
___