Ludwig Vandenhove voorzitter van de kamercommissie voor de Landsverdediging!

Hoewel de nieuwe regering nog niet is gevormd, en er dus nog niet geweten is wie de nieuwe minister van Defensie wordt, is de naam van de voorzitter van de kamercommissie voor de Landsverdediging wel al gekend. De sp.a-fractie kende het voorzitterschap toe aan burgemeester-federaal volksvertegenwoordiger Ludwig Vandenhove.

Zowel de Volkswil van 28 september 2007, als Info Defensie van september 2007 besteedden heel wat aandacht aan dit feit.

De Algemene Centrale Openbare Diensten (ACOD) was er voor Info Defensie als de kippen bij voor een eerste kort interview.
Hieronder vindt u de integrale tekst.

Mijnheer Vandenhove, mogen wij u namens de ACOD vooreerst van harte feliciteren met uw nieuwe opdracht. Tijdens de vorige legislatuur was u senator en voorzitter van de senaatscommissie Binnenlandse Zaken en Administratieve Aangelegenheden. Defensie wordt dus iets totaal anders.
Bent u tevreden met uw nieuwe opdracht?

Ik ben zeer tevreden met het vertrouwen dat de sp.a en de sp.a-Kamerfractie in mij stelt door mij te verkiezen als voorzitter van de kamercommissie Defensie. Dit is immers niet zo evident vermits de sp.a na de slechte verkiezingsuitslag van 10 juni 2007 slechts één voorzitterschap overhoudt. Bovendien is het voor mij een nieuwe uitdaging: na commissievoorzitter in de Senaat nu commissievoorzitter in de Kamer van volksvertegenwoordigers over een ander thema. Dit wil zeker niet zeggen dat ik de veiligheidsproblematiek niet blijf opvolgen: zowel als burgemeester van Sint-Truiden, als lid van de kamercommissie Binnenlandse Zaken wil ik mij verder blijven specialiseren in die materie.

De provincie Limburg biedt aan nagenoeg 7000 militairen en burgerpersoneelsleden Defensie werk. Op de marine na zijn alle componenten er aanwezig. Er zijn militaire installaties in Helchteren, Kleine Brogel, Leopoldsburg, Zutendaal, Tongeren, Hasselt en Sint-Truiden. Sinds dit jaar is Saffraanberg de enige school voor onderofficieren. Dit zorgt jaarlijks voor een permanente aanvoer van een paar duizend jonge militairen. Toch zal het u niet onbekend zijn dat nogal wat politici een kleiner leger wensen. Wordt uw opdracht geen vergiftigd geschenk?

Neen, zeker niet.

Ten eerste ben ik geen minister van Defensie, maar enkel voorzitter van de bevoegde kamercommissie. Op de tweede plaats ben ik er niet zo van overtuigd dat het leger uiteindelijk minder manschappen zal hebben. Ik heb dit ook al voor de verkiezingen gezegd en verschilde daarmee enigszins van het officiële partijstandpunt (zie op mijn website www.ludwigvandenhove.be de tekst ‘Een arbeidsplaats in ontwikkelingssamenwerking is evenveel waard als een militaire arbeidsplaats’).

Waar ik wel zeker van ben is dat het leger nog meer andere opdrachten zal krijgen, onder andere in het kader van internationale afspraken en buitenlandse (vredes)missies.

Welke zaken wenst u tijdens uw mandaat te verwezenlijken?

Aansluitend op de vorige vraag, maximaal behoud van de tewerkstelling.
Daarenboven ervoor zorgen dat het leger voldoende middelen krijgt om binnen het gewijzigde takenpakket haar internationale opdrachten uit te voeren. Ik wil dit doen in maximaal overleg met de militairen zelf, ook met de ACOD. Als sp.a’er ben ik altijd grote voorstander geweest van een nauwe samenwerking tussen vakbond en partij. Na de verkiezingsuitslag van 10 juni 2007 geloof ik trouwens nog meer in een goede samenwerking binnen de socialistische zuil. Zelf ben ik trouwens lid van de vakbond vanaf mijn 16de en momenteel aangesloten bij de ACOD.

Slotvraagje, is onze informatie correct dat u de zoon bent van een gewezen beroepsmilitair?

Correct.
Mijn vader is jong gestorven, in 1974, ik was toen pas 14 jaar. Op het moment van zijn overlijden was hij korporaal in Saffraanberg bij Sint-Truiden. Het was voor mij een erg emotioneel moment toen ik als burgemeester van Sint-Truiden de eerste maal officieel ontvangen werd op Saffraanberg, de plaats waar ik als kind vaak mijn vader samen met mijn moeder ging opzoeken als hij weekenddienst had.

Mijnheer Vandenhove, hartelijk dank voor dit eerste kort gesprek.
We durven te hopen op een constructieve samenwerking.