Brandweerhervorming geslaagd!

Op vrijdag 25 mei 2007 vond er in Brussel een bijeenkomst plaats van 3 brandweerfederaties, meer bepaald de Brandweervereniging Vlaanderen (BVV), de Fédération Royale des Corps de Sapeurs-Pompiers de Belgique (FRCSPB) en de Vereniging der beroepsbrandweerofficieren van België (Brepobel).


Burgemeester Ludwig Vandenhove moest sp.a-voorzitter Johan Vande Lanotte op die bijeenkomst vervangen, omdat hij als voorzitter van de senaatscommissie Binnenlandse Zaken en Administratieve Aangelegenheden ook zeer actief aan deze brandweerhervorming heeft meegewerkt.



De verschillende sprekers op deze bijeenkomst waren het er over eens dat de brandweerhervorming, die uiteindelijk op donderdag 26 april 2007 in/> de Senaat is goedgekeurd, een stap in de goede richting is.
De uitdaging voor de volgende regering is om het globaal kader dat nu gecreëerd is om te zetten in concrete maatregelen en er zeker voor te zorgen dat de brandweerhervorming niet stilvalt.

Burgemeester Ludwig Vandenhove: “Inderdaad, de aanzet is gegeven, maar de brandweerhervorming mag nu niet stilvallen.
De grote uitdaging van de volgende regering in het algemeen en de volgende minister van Binnenlandse Zaken in het bijzonder bestaat erin om een nieuw brandweerlandschap uit te tekenen, waarbij toch maximaal rekening gehouden wordt met de bestaande, menselijke situaties.
Maar, mijn collega-politici, vooral burgemeesters, evenals de brandweermensen - zowel beroeps, als vrijwilligers - moeten beseffen dat de burger maar één ding voor ogen heeft: als zij/hij iets aan de hand heeft, dan wil zij/hij snel en zo adequaat mogelijk geholpen worden.
Structuren interesseren hen dan ook niet.
In die zin is het de uitdaging van de volgende regering en van de volgende minister van Binnenlandse Zaken om deze brandweerhervormingen verder te zetten, maar zeker op de eerste plaats niet te vervallen in discussies over structuren en statuten voor beroepspersoneel en/of vrijwilligers, maar vooral hoe dat er een efficiëntere en adequatere hulpverlening op het vlak van de civiele veiligheid tot stand kan komen”.